Het Leven na het leven


Het is het vreemdste deel van het werk, in het bijzonder door het ongewone gebruik der traditionele orgelregisters en dat van zeldzame registers (Glockenspiel, Voix Céleste 16', Bourdon 32', Basson 32', Bombarde 32', Trémolo op 4 der 5 klavieren, enz.).


(28) "Requiem". Uitdrukking der onrust tegenover die onbekende toestand, met zijn angsten en ontsteltenissen, waar de kinderstem wat troost en hoop aanbrengt, ten midden van soms storende klanken (afgezonderde Cymbales + 32').


(29) "Kyrie". Tegenstelling tussen de zachtheid der versen van de Kyrie (kinderstem) met zijn klaglijke inleiding, en het antwoord, hevig en aangrijpend, van het orgel solo.


(30) "Toetreding tot de Eeuwigheid (1)". Na een vredige en welluidende inleiding, lange akkoorden, vreemd en zacht, en daarna groots en krachtig, geven ons een voorstelling van oneindige duur.


(31) "Rustig geluk". Een zeer mooi ritmisch thema, met korte variaties, laat ons dat rustig geluk doorschemeren, waar andere ons al verwachten : ....


(32) "Koren der Zaligen". Inderdaad, we worden onthaald door de Zaligen, van alle leeftijden, in een 4-stemmige koraal voor orgel, zich uitend nu eens met zachtheid, dan met de vredige kracht van een Heiligen-menigte.


(33) "De Martelaars". Een plaats apart is gemaakt voor de Martelaars en voor alle die geleden hebben voor de anderen of door de anderen. Het thema is hetzelfde dan een lied op de CD "Paroles d'Ados" (zie Franse tekst), dat verteld over zelfverloochening van een kind. Dit thema neemt snel een dramatische kracht en eindigt in apotheose (martelaarspalm).


(34) "Toetreding tot de Eeuwigheid (2)". De martelaars nodigen ons uit om zich bij hun in de eeuwigheid te voegen. Men vindt de zelfde zachten akkoorden terug dan in (30), maar ze hebben geen einde meer en vervagen in de verte....